Horizontaal Guangzhou

Het is weer bijna vijf maanden geleden dat ik aankwam in Sydney, voor mij toen een nieuwe stad. Vier maanden lang woonde ik in een wijk in het noord-westen van deze stad. Ik ontdekte mijn wijk en de universiteitscampus op een verticale manier, zoals omschreven in een eerder blog. Ik begon mijn ontdekkingen in een kleine cirkel rond mijn huis. Toen ik deze cirkel goed kende, breidde ik deze uit tot een iets grotere en begon deze grotere cirkel tot in die diepte te leren kennen. Zo werd mijn eigen wereld in de wijk North Ryde en stad Sydney steeds een beetje wijder en dieper.
Guangzhou, de stad waar ik sinds bijna drie weken ‘woon’, ontdek ik op een horizontale manier. In de slechts zes weken die ik hier ben, probeer ik zoveel mogelijk wijken te bezoeken, bezichtigen en ontdekken.

De wijk waar ik woon bestaat voor mij uit het kleine appartement op de bovenste verdieping van een 19-verdiepingen hoog, roze gebouw, waar ik elke avond slaap ik het kleine stapelbed van de enige dochter van het gezin; het busstation aan deze kant van de drukke zesbaansweg, waar ik mezelf elke ochtend in bus 22 tussen de vele commuters druk; het busstation aan de andere kant van de weg, waar ik elke avond rond zes uur uit de bus stap; de voetgangersbrug die men gebruikt om de weg over te steken; het metrostation wat ik gebruik als ik naar andere wijken in de stad reis; en deTianhe Gongyuan (Tianhe Park) waar ik elke zaterdagochtend met de moeder en puberende 13-jarige dochter van mijn gastgezin wandel en badminton.

De wijk waar mijn school is (Zhujiang Xi Cheng (New Town)) bestaat voor mij uit het kleine schooltje op de twaalfde verdieping van een 29-verdiepingen hoog zakengebouw, waar ik elke ochtend van half 10 tot 12 uur groepsles heb met een Turks meisje, een Japans meisje en een jongen uit Venezuela, en daarna een half uur privéles; de Starbucks waar ik elke ochtend de benodigde cafeïne haal; de vele westerse restaurants waar ik af en toe met mijn klasgenoten lunch; en het drukke metrostation, waar lijn 3 en 5 elkaar kruizen.

Vanaf dit drukke metrostation neem ik bijna elke dag de metro naar een ander deel van de stad. Meestal reis ik af naar een station op lijn 1, de lijn die de oude wijken in het oosten van de stad verbinden met de nieuwere, gecommercialiseerde wijken in het westen. Iedere keer dat ik ergens heen besluit te gaan, probeer ik op een ander station de metro uit te stappen en het wijk rondom het station te leren kennen. Zo kom ik telkens op andere plaatsen en zie ik telkens nieuwe dingen. Ik leer de stad kennen door de ene na de andere wijk te bezoeken. Ik loop door de wijken heen, raak soms verdwaald en vraag in het Chinees de weg terug naar het metrostation – wat af en toe lukt, maar vaak ook niet doordat mijn Chinees niet duidelijk genoeg is of doordat de mensen waar ik het aan vraag Kantonees spreken. Ik loop door de wijken, en probeer zoveel mogelijk te zien in een zo korte tijd. Ik leer Guangzhou kennen op een horizontale manier, zoals wellicht elke toerist een stad leert kennen.

Ik neem de metro naar het station bij Haizhu Square en loop langs grote warenhuizen, waar aan zowel Aziatische als niet-Aziatische handelaren ‘made in China’- artikelen verkocht worden, van kleren en speelgoed tot gedroogde vis en kruiden. Achter de grote warenhuizen bevindt zichShengxin dajiaotang (Sacred Heart Cathedral), de enige kathedraal die deze stad kent, gebouwd onder leiding van missionarissen in de 19e eeuw. Op zondag reis ik naar deze kathedraal, waar ik ’s middags de Engelse dienst bijwoon, die geleid word door enn Chinese pastoor die met veel moeite en een erg zwaar accent zijn boodschap in het Engels probeert over te brengen aan de vele Afrikanen (voornamelijk Nigerianen) die de dienst bijwonen.

Soms neem ik de metro naar het station bij Yuexiu Gongyuan (Yuexiu Park), waar ik geniet van de vele groene bomen en gekleurde bloemen, die niet alleen in dit park, maar in de hele stad bloeien, geholpen door het natte en tropische klimaat in deze streek.

Ik reis af naar Ximenkou (West Entrance), waar ik een bezoek breng aan de Liurong Si (Six banyan trees temple) en waar ik op straat een monnik tegen het lijf loopt, die me – in ruil voor een handtekening voor vrede – een klein rood envelopje geeft met daarin een afbeelding van Guanyin.

Ik breng een bezoek aan de wijk rondom het station Xiaobei (Little North), waar op de gevels van restaurants en winkels niet alleen voor mij nog altijd onbegrijpelijke Chinese karakters te zien zijn, maar ook voor mij nog onbegrijpelijker Arabische. Ik loop door deze wijk en zie de ene Afrikaan na de andere, voornamelijk mannen en voor het overgrote deel handelaren.

Aan het eind van elke middag, nadat ik een wijk heb bezocht en er door de straten en steegjes heb gedwaald, reis ik per bus of metro terug naar het huis in de wijk waar ik ‘woon’. Ik maak mijn huiswerk, ik schrijf korte Chinese verhalen (in Chinese karakters), ik eet met de familie, ik kijk televisie, ik lees boeken, ik maak aantekeningen van interessante dingen die ik die dag wel of niet heb gezien. Elke avond val ik rond half elf in slaap.

Zo leer ik op een horizontale manier Guangzhou kennen, doe ik inspiratie op, en probeer ik datgene te vinden waarvoor ik hier gekomen ben. Af en toe word ik hierin tegengewerkt door het tropisch warme en benauwde weer (luchtvochtigheid: 80-90%), wat slenteren erg vermoeiend maakt. Maar over het algemeen raak ik elke dag meer geïnteresseerd in deze cultuur en de manier waarop de mensen in deze stad hun dagelijkse leven leven.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s